We zitten dicht bij de grootste berg van de staat en vandaag hoeven we niet te reizen. De wandelschoenen, heel de reis meegesleept, kunnen dus eindelijk uit de koffer! We halen twee lunches bij de bergbeklimmerspost en rijden tot halverwege de top (het makkelijke gedeelte).

Het is idioot zonnig maar op de berg is het voorspelbaar koel. Het duurt niet lang of we komen de eerste sneeuw tegen.

We lopen een ronde van een kilometer of acht, maar met ernstige hoogteverschillen. Tot halverwege is het pad geasfalteerd (!) maar daarna wordt het sneeuw, stenen en zand.

Onderweg lijken de dieren nergens meer van op te kijken. Dit grote knaagdier (afmeting poedel) wil niet eens aan de kant als we langskomen.

Niet alleen langs de kant ligt sneeuw, uiteindelijk moeten we ook hele gletschers oversteken. De bergen achter ons lijken lager te liggen dan we op dit moment zijn.

Ah, een uitkijkpunt. We eten een halve lunch en besluiten bovenlangs verder te gaan. Het uitzicht is geweldig en het weer idem.

Bovenlangs betekent: meer ijs. Het blijft een beetje maf, in korte broek en t-shirt over de sneeuw te lopen. Onder onze voeten smelt het een en ander dan ook in rap tempo, wat weer lijdt tot fraaie watervallen verderop.

We lopen een eind maar een wereldprestatie lijkt het niet te zijn. Een duo bejaarden en een erg zwangere vrouw halen ons in, terwijl we deze foto maken.

Als we weer afdalen wordt het wat groener, en komen ook de muggen weer terug. Wel is het uitzicht hier weer prachtig.

Waren we in het begin van deze vakantie nog onder de indruk van een hert in de verte, tegenwoordig kijken wij en de deer al niet meer van elkaar op. Dit exemplaar eet rustig door van het gras (waar wij niet op mogen komen).

Nou, mooi hoor, zo'n berg. Een mogelijk nadeel is natuurlijk dat dit de meest actieve vulkaan van Amerika is; een uitbarsting binnen tien jaar wordt verwacht, en dan gaat het ook echt van boem. Met de andere toeristen zeggen we: gelukkig niet vandaag.
